Mijn eindexamen

vwo

Slaag-zakregeling vwo

Zo ben je geslaagd op vwo

Je bent geslaagd als je aan álle volgende 4 punten hebt voldaan:

  1. Het gemiddelde van al je centraal examencijfers is 5,5 of hoger
  2. Je voldoet aan de kernvakkenregel: bij je eindcijfers in het rijtje Nederlands, Engels en wiskunde komt ten hoogste een 5 voor (dus een 5 en verder 6 of hoger of alle drie 6 of hoger)
  3. Je eindcijfers (incl. je combinatiecijfer) voldoen aan de volgende eisen:
    • al je eindcijfers zijn 6 of hoger, of
    • je hebt een 5 en al je andere eindcijfers zijn 6 of hoger, of
    • je hebt een 4 en al je andere eindcijfers zijn 6 of hoger én het gemiddelde van al je cijfers is ten minste 6,0, of
    • je hebt twee 5-en of een 5 en een 4 en al je andere eindcijfers zijn 6 of hoger én het gemiddelde van al je cijfers is ten minste 6,0
  4. Lichamelijke opvoeding is beoordeeld met 'voldoende' of 'goed'

LET OP

Geen enkel eindcijfer is afgerond lager dan een 4.

Zo bereken je het gemiddelde cijfer

Je centraal examencijfers zijn in een decimaal nauwkeurig. Tel al je centraal examencijfers op (niet afronden!) en deel dit getal door het aantal vakken. Met een gemiddelde van 5,50 ben je geslaagd, met een gemiddelde van 5,49 of lager ben je gezakt.

Doe je vavo?

Ben je eerder gezakt en doe je nu opnieuw examen in het voortgezet algemeen volwassenenonderwijs (vavo)? Ook voor jou geldt dat het gemiddelde van alle centraal examencijfers waarover de uitslag wordt vastgesteld minimaal 5,5 moet zijn. Ook is de kernvakkenregeling van toepassing.

NB Dit geldt niet als je in 2020 examen hebt gedaan en je cijfers van 2020 betrokken zijn bij de uitslagbepaling. In dat geval geldt het gemiddelde van 5,5 niet als de vakken waarin je in 2020 examen hebt gedaan normaal gesproken ook een centraal examen hebben. Mocht je twijfelen welke regels op jou van toepassing zijn, dan kan je dit navragen op jouw school.

Cum laude geslaagd?

Wil je cum laude slagen op het vwo? Dan moet je aan de volgende eisen voldoen:

  1. Het gemiddelde van de volgende vakken moet minimaal een 8,0 zijn. Bij een 7,99 gemiddeld is er geen sprake van cum laude.
    • de vakken in het gemeenschappelijke deel, én
    • de vakken in het profieldeel, én
    • het hoogste cijfer uit het vrije deel
  2. Geen enkel eindcijfer is lager dan een 7.
  3. Het combinatiecijfer mag niet lager zijn dan een 7, maar hier geldt dat de individuele cijfers voor de samenstellende vakken wel lager dan een 7 mogen zijn. Voorbeeld: Een 9 voor maatschappijleer, een 5 voor ANW en een 7 voor het profielwerkstuk levert gemiddeld een 7 op. Ondanks de 5 voor ANW krijg je toch de cum laude-vermelding.

NB Eventuele extra vakken worden buiten beschouwing gelaten. Een 6 voor een extra vak vormt dus geen probleem voor cum laude.